woensdag 20 december 2017

De Standaard

Baby van amper een week oud eenzaam begraven

Een baby die amper een week had geleefd, kreeg vorige week in Leuven een eenzame uitvaart. Dat is vermoedelijk een primeur voor ons land. Er schuilt dan ook een tragisch verhaal achter.

Vorige week donderdag om 15 u., op de begraafplaats van Leuven. Een corbillard komt traag aangereden. Daarachter stapt één man, een dichter. Hij is gevraagd om voor deze eenzame uitvaart een gedicht te schrijven. De korte rouwstoet wordt opgewacht door een grafdelver. Het kistje dat uit de auto wordt gehaald, is niet groter dan een schoendoos, en kan gedragen worden op één hand. De dichter, de begrafenisondernemer en de jonge grafdelver leggen uit respect nog eens elk hun hand op de kist. Voor ze de grond in gaat, leest de dichter zijn tekst voor.

Een leven van een week De uitvaart van baby F. was een vermoedelijke primeur voor ons land, en in ieder geval een primeur voor het literair en sociaal project ‘De eenzame uitvaart’. In Antwerpen hebben dichters al meer dan 100 mensen begeleid op hun laatste reis. In Leuven, dat later op de kar sprong, nu al 17. ‘Meestal zijn het oudere mensen, die een heel leven achter de rug hebben’, zegt dichter Peter Mangel Schots. ‘Maar een baby van amper een week oud: wat kun je daarover schrijven?’

Zware afwijking Heel veel is over baby F. niet geweten. Toch dit: hij werd na een normale zwangerschap met een zware afwijking geboren bij ouders die uit een ver Europees land komen en in grote armoede leven. Het kind werd met spoed naar het UZ Gasthuisberg in Leuven overgebracht. Op 6 december, de dag van de grote kindervriend, moesten de behandelende artsen alle hoop laten varen. In aanwezigheid van beide ouders werd de baby gedoopt. Terwijl het andere zoontje de Sint achternaliep, door de ziekenhuisgangen, bleef de pastoraal werkster van het ziekenhuis met de moeder napraten. Zij smeekte of er toch niet nog iets gedaan kon worden om haar kind te redden.

Geen geld voor een uitvaart Die avond stierf het kind. De ouders kwamen de volgende dag naar het ziekenhuis en namen afscheid. Hun verdriet is groot, maar ze moeten verder, terug naar hun land. Ze hebben ook het geld niet om een uitvaart te bekostigen. Het is aan de sociaal werkster van het ziekenhuis om het overlijden aan te geven in Leuven. Wat blijkt? Dat baby F. geboren is, heeft nog niemand gemeld bij de burgerlijke stand. Officieel bestaat het kind niet eens. Dat moet dus eerst geregeld worden. Er gaan zo al snel een paar dagen voorbij. Een week later, amper een dag voor de baby ter aarde zal worden besteld, krijgt Peter Mangel Schots, dichter en coördinator van het project ‘De eenzame uitvaart’ in Leuven, een telefoontje van de begrafenisondernemer. Dat is kort dag om nog een gedicht uit je pen te wringen. Hij doet het toch.

Geen tijd om lang te rouwen ‘Wat kon ik over het leven van dit kind schrijven? Dat het door zijn ouders is achtergelaten? Toch beter: dat zijn ouders het ook liever anders hadden gewild. Het is niet aan mij om te oordelen. Zij waren, naar ik vernomen heb, erg ontzet door wat hen is overkomen. En tegelijk wisten ze dat er niets meer aan te doen is. Misschien vergelijkbaar met hoe het er vroeger in grote Vlaamse boerenfamilies aan toeging. Je verloor een kind, je had natuurlijk verdriet, maar er was geen tijd om lang te rouwen. Je moest verder.’ De dichter zegt dat hijzelf niet belangrijk is in dit verhaal. Wat belangrijk is, is dat er een minimum aan ritueel plaatsvindt bij het afscheid van een mens. En dus besluit hij achter de rouwwagen te lopen, in plaats van mee te rijden, zodat er toch nog een – extreem korte – rouwstoet is. En leest hij zijn tekst, die betekenis probeert te geven aan een leven dat amper geleefd is. ‘Ik sta daar niet te performen. Ik sta daar louter en alleen voor de overledene. Veel mensen grijpen naar poëzie bij grote overgangsrituelen. Het is een manier om ons verdriet te verwerken.’

Aanwezig in al zijn afwezigheid ‘We kunnen hier echt van een cultuuromslag spreken’, zegt antropologisch historicus Jan Bleyen, ook auteur van het boek Doodgeboren. ‘Want tot een paar decennia geleden deden de vroedvrouw of de gynaecoloog er nog alles aan om een overleden baby weg te houden bij de moeder en de rest van de familie. Toen werd het haast verboden om zo’n kind te herinneren – terwijl het in al zijn afwezigheid natuurlijk wel erg aanwezig bleef in het verdriet van de ouders.’ ‘Nu wordt families in ziekenhuizen sterk aanbevolen om te herinneren. Het dode kind wordt niet meer weggestopt, maar zichtbaar gemaakt, zodat men afscheid kan nemen. Omdat het leven geen vervolg meer krijgt in het hiernamaals moet het hier en nu gevierd en ‘vol gemaakt’ worden, via verhalen. Dat zien we overigens steeds vaker in afscheidsrituelen opduiken. Het ziekenhuis en de mensen van ‘De eenzame uitvaart’ zijn aan deze culturele bezorgdheid tegemoetgekomen.’ Hieronder leest u het gedicht dat de dichter op die koude decembermiddag op het Leuvense kerkhof aan baby F. toeschreef:

Schaapjes

Eén bladzij omgeslagen en je boek is uitlang en gelukkig lezen hadden we je graag gewenstbeginnend met verhalen van een eerste kersten knuistjes die naar vlekken kaarslicht grijpenen dan de lente, zomer, nog een zomertot je je opricht zonder handen als een koningde wereld balancerend aan je voetjeshet coolste jochie van de peutertuin.

Maar onder ijzig ziekenhuislamplichtben je geboren met een hart dat klappertandtje ouders ver van huis, jij ongeteld, uitgekwartierd,geen tijd gekregen voor een hashtag om de wereldte vertellen over ieder kind dat in je leeft:ik ben Omran, ik ben Julie, ik ben Aylan, ik ben Melissa,ik ben De Kleine Thomas uit de vondelingenschuif, ik benhet kindje Jezus dat versmacht onder een berg geschenkpapier.

Verkruimelt in een land ver weg van hier je mamavan verdriet? Gaat elke spadesteek je papa door het hart?Zal volgend jaar rond deze tijd een ander broertjein jouw sokjes slapen? Het zal je naam zijndie je in je laatste uren kreeg, die hen verbindtmet deze stad, dit lapje grond dat zij alleen vermoedenen waarop wij staan als een reserveteam. Vrees niet,we zullen op de uitkijk blijven, schaapjes tellen tot je slaapt.

Lees het volledige artikel hier: https://www.standaard.be/